Biografie
Arie Oldenburg werd op 24 juni 1931 als 12-jarig jongetje lid van
Feyenoord. Hij was nog geen twintig jaar oud toen hij zijn debuut
maakte in het hoogste elftal.
Hij werd op de rechtsbackplaats de opvolger van Pleun de Groot.
Samen
met linksback Joop van der Heide vormde hij jarenlang de
tweemansachterhoede van Feyenoord.
Van der Heide haalde wel het Nederlands Elftal, Oldenburg niet. Beiden
hadden de pech dat een groot deel van hun actieve loopbaan zich
afspeelde tijdens de Tweede Wereldoorlog. Arie Oldenburg speelde drie
keer in het Rotterdams Elftal en één van de hoogtepunten van zijn
loopbaan was de tocht naar Curacao in de zomer van 1946.
Het Feyenoord waarin Oldenburg uitkwam bevond zich in een
overgangsperiode. Naast de oude rotten Manus Vrauwdeunt, Bas Paauwe en
Jan Linssen speelden relatief veel jonge en
onervaren voetballers in het hoogste team. Anderen, die jarenlang een
steunpilaar vormden, waren gestopt, In 1940 werd het landskampioenschap
nog wel behaald, gevolgd door een afdelingskampioenschap in 1943, maar
toen was de koek voorlopig op.
Oldenburg was een gedegen back, die jarenlang zijn partijtjes
meespeelde en
getuige was van de overgang naar het
stopperspilsysteem. Daardoor kwam Henny Kroon te spelen tussen Van der
Heide en hem in.
Op 1 oktober 1954 verliet Arie Oldenburg de club waarvan hij zo lang
lid was geweest en ging naar FSV Pretoria..
Later was hij nog trainer van een aantal amateursclubs.