Biografie
Vrij kort nadat trainer Arie Haan in oktober 1995 in de Kuip het roer
had overgenomen van zijn voorganger Willem van Hanegem was Henk Vos de
eerste aankoop van Feyenoord. Per 2 januari 1996 begon zijn
dienstverband.
De reden van zijn komst was dat Regi Blinker op een zijspoor was
beland.
Vos was het alternatief, afkomstig van de Franse profclub
Sochaux, waar hij al bijna drie jaar speelde. Vos was niet
transfervrij, maar het bedrag dat voor hem moest worden betaald, was zo
laag dat meteen zaken konden worden gedaan. De club was in 1994 naar de
Tweede Divisie gedegradeerd en dat was voor Vos één reden om te
verkassen. De andere was dat Vos geen vaste plaats meer had sinds
Sochaux van Feyenoord de IJslandse linksbuiten Arnar Gunnlaugsson
aantrok.
De nieuwe linkerspits tekende bij Feyenoord een contract voor
tweeënhalf jaar met een optie voor nog een jaar.
Henk Vos is afkomstig uit het Brabantse Wouwen hij speelde eerder in
RBC, PSV, Willem II, Eindhoven, Germinal Ekeren, FC Metz en Standard
Luik. Bij Standard Luik was Arie Haan twee jaar zijn trainer. Over die
tijd zei Haan nadat
Vos was aangetrokken: 'Vroeger was hij een enfant terrible, maar sinds
hij is getrouwd is dat wilde er een beetje bij hem af. Onder mij heeft
hij altijd goed gepresteerd.' Na het vertrek van Vos naar Frankrijk
hielden hij en Haan wel contact met elkaar.
Henk Vos was erg blij met zijn overgang naar Feyenoord: 'Toen ik hier
in
december naar toe reed om mijn contract te tekenen en ik zag de Kuip
vanuit de verte liggen, kreeg ik in de auto spontaan kippevel over mijn
hele lijf. Weet je wanneer ik daar voor het laatst ben geweest? Bij de
afscheidswedstrijd van Willem van Hanegem.
Toen zat ik op de tribune, was ik nog zo'n klein jochie.'
In de eerste
vier competitiewedstrijden maakte Vos drie doelpunten en ook in het
bekerduel tegen MVV scoorde hij en de supporters waren tevreden. Toen
de productie stokte en nieuwe spelers Feyenoord kwamen versterken zat
Vos regelmatig op de bank, wat zijn spel niet ten goede kwam. Ook zijn
zelfvertrouwen leed eronder, maar tegen het einde van het het seizoen
1996/97 krabbelde hij langzaam maar zeker uit het dal omhoog.


